Out of this World
  • Home
  • FICTION
  • Interviews
  • Agenda
  • BOOKS
  • FILMS
  • MUSIC
  • COMICS
  • Van deze wereld
  • Academie van fantastiek
  • Reel van de Fantastische Unie
  • SF-Cafes
  • Niet van deze wereld
  • EC Bertin
    • EDDY C. BERTIN✝
    • Eerbetoon
  • Alfons Maes✝
  • Wie we zijn
  • Get In Touch

VERHALEN

Bavo Dhooge - Tennissen met Glenn

4/9/2025

0 Opmerkingen

 
 Ik kom de tafel halen, zei de stem door de intercom.
We hadden laat uitgeslapen en hoewel ik verdomd goed wist wie het was toen hij zijn naam zei, vroeg ik:
‘Welke tafel?’
‘De ontbijttafel,’ zei de stem.
‘Oké,’ zei ik en ik duwde op het knopje.
Het was zomer, meer dan dertig graden en de warmte en het licht hadden me al een half uur eerder wakker gemaakt.
Naakt liep ik weer de slaapkamer in.
Lisa had de lakens op de grond gegooid en de kamer rook naar de warmte.
‘Daar is Glenn,’ zei ik.
Het klonk opgewekt en ongewoon.
‘Hij komt de tafel halen,’ zei ik, ‘de ontbijttafel.’
Ze wrong zich uit bed en struikelde bijna over de warboel van lakens.
‘Dat moet ik zien,’ zei ze, waarop ik vroeg:
‘Is die tafel van hem?’
Maar Lisa was al op weg naar de deur.
Ik had geen zin in een ruzie, zelfs geen beleefde ruzie. Het was iets tussen hen tweeën en behalve het feit dat ik elke ochtend aan die tafel ontbeet, had ik er niets mee te maken.
Ik trok een boxershort aan en stapte het keukenterras op. Het was sowieso moeilijk om een fris hoofd te houden op zo'n zwoele ochtend.
  
Lisa woonde in zo'n hoge woontoren met minstens twintig verdiepingen en over elk terras hing een oranje zonnescherm, waardoor het gebouw van ver net een legoblokje leek. Ze hadden zo'n vijftal blokken rond de Watersportbaan gezet en van boven had je een mooi zicht op het hele domein. Net onder Lisa’s terras had je zes tennisvelden, gemaakt uit blauw beton. Die terreinen grensden aan elkaar en alleen een omheining hield ze gescheiden. Alles was groot en klein tegelijk.
Dat is ‘m, hoorde ik Glenn zeggen toen ze de keuken instapten.
Ik zag ze allebei naar die tafel staan kijken, ik zag dat door de getinte ramen en toen zei Lisa:
‘Je mag hem houden,’ zei ze.
‘Hij is van mij,’ zei Glenn heel gewoon.
‘Je mag hem niettemin houden,’ herhaalde Lisa.
‘Ik heb die tafel nog zelf in elkaar gestoken,’ zei Glenn.
 ‘Ja, dat zie ik,’ zei Lisa.
 Het klonk allemaal nogal dof en monotoon.
Ik zag hoe Glenn aanstalten maakte om de rommel van de tafel op het aanrecht te zetten. Briefpapier, pen, mijn sollicitaties. Hij zette alles op het aanrecht en keek dan eigenlijk meer naar die spullen dan naar de tafel. Het Scrabblebord waarmee we ons gisteren tot diep in de nacht hadden beziggehouden lag scheef en alle letters lagen door elkaar. Ze vormden woorden die niet bestonden.
‘We gebruiken die tafel eigenlijk toch nooit,’ zei Lisa.
‘Waar eet je dan,’ vroeg Glenn.
‘In bed,’ loog ze, ‘daar brengen we de meeste tijd door.’
Hij maakte een vreemd geluid. Ze had evengoed kunnen zeggen dat ik haar elk weekend croissants ging halen, want ook dat zou een leugen geweest zijn. In het begin kon ik dat nog, maar nadien niet meer. Daar zaten die sollicitaties voor iets tussen.
‘Is hij hier niet,’ vroeg Glenn opeens.
Ik was verbaasd. Verbaasd dat hij geïnteresseerd was in mij.
‘Waarom,’ vroeg Lisa.
‘Ik kan die tafel niet alleen naar beneden slepen,’ mopperde hij.
Ik wandelde door de woonkamer de keuken in.
‘Glenn,’ zei ik zo zakelijk mogelijk.
‘Ah,’ zuchtte hij.
Het was niet met opzet, maar het was nu al de tweede keer dat hij me zo in mijn boxershort zag. De eerste keer had hij me niet goed bekeken. Daar was hij toen te woedend voor geweest, maar nu was er al een tijdje verstreken en zei hij gewoon: ‘Ah.’
‘Kun je me eventjes helpen,’ vroeg hij beleefd.
We namen de tafel elk aan twee poten vast en liepen met kleine stapjes tot de deur. Lisa was in de keuken blijven staan, bezig met de spullen die vroeger op de tafel lagen ergens in een kast te stoppen.
Glenn liet de tafel op zijn kant staan, opende de deur waar hij de sleutel voor had moeten afgeven, nam de tafel weer op en schudde hem in de juiste positie. We namen de trap naar beneden.
‘Alles goed,’ vroeg hij om de stilte te breken.
‘Oké,’ zei ik.
‘Geef je nog altijd tennisles,’ vroeg hij opeens.
‘Ja,’ zei ik.
‘Normaliter,’ lachte hij. Wat een domme vraag.
Het was even stil.
‘Bedankt om me te helpen,’ zei hij.
‘Geen probleem,’ zei ik.
Op de parking deed het asfalt pijn aan mijn voeten. Ik was op blote voeten die koele trap afgegaan en dat deed deugd, maar nu stonden mijn voeten te smelten op dat asfalt.
‘Bedankt,’ zei Glenn nog een keer.
‘Geen probleem,’ zei ik.
Zonder omkijken nam ik weer de trap. Later, vanop het terras, zag ik nog hoe hij de koffer van zijn auto opende, met zijn armen de lengte van de tafel inschatte en dan met niets anders dan lucht tussen zijn armen de breedte van zijn koffer bekeek. Het tafeltje was te groot of de koffer te klein en Glenn zette zijn zonnebril op en keek nog eventjes naar boven.
 
Op mijn weg naar boven dacht ik na over Glenn.
Hij was een stuk ouder dan Lisa en dus zeker een stuk ouder dan ik. Hij had een hele tijd met Lisa samengehokt, maar dat was ook al een half jaar geleden en dus stonden we allemaal even ver. Glenn was altijd heel net, zijn haar lag altijd netjes gescheiden, aan de slapen mooi geschoren. Hij werkte in een belangrijke firma en hij had al heel wat meer meegemaakt dan Lisa en ik samen. Maar dat alles had ik nooit eerder van dichtbij gezien. Ik had Glenn regelmatig in de tennisclub gezien, maar ik zag hem eerder als een onbekend lid dat je even aan de bar tegen het lijf loopt, maar tegen wie je nooit iets zinnigs zegt. Dat verandert allemaal als je elkaar ook elders dan aan de bar tegen het lijf loopt.
Boven lag Lisa op de sofa naar een aerobics programma te kijken. Het was te heet om naar buiten te gaan en zeker te heet om op te staan en mee te springen.
‘Ik heb je brieven in de bovenste kast gelegd,’ zei ze.
‘Prima,’ zei ik.
Ze bewoog haar grote teen op maat van de aerobics muziek.
‘Jammer van die tafel,’ zei ik, dat was echt design.
‘Ja.’
‘Heeft hij hier nog zulke spullen staan,’ vroeg ik.
Ze bleef naar het beeld staren alsof ze zich afvroeg hoe die mensen het voor elkaar kregen om zo te staan springen in die hitte. Ze ging daarbij met haar tong over haar tanden.
‘Hier en daar,’ zei ze.
‘Goed om weten,’ zei ik en ik ging naast haar zitten.
Ik begon haar tenen te masseren terwijl ik terugdacht aan het kaartje dat Glenn ons een tijdje geleden had gestuurd. Het kwam uit Zuid-Frankrijk en er stond gewoon op: ‘Alles goed. Moet het allemaal even laten bezinken. Mooi weer. Normaliter’. Glenn was zich na het voorval eerst even gaan bezinnen, maar nu zat zijn bezinning erop en kwam hij zijn spullen halen.
  
Over de middag zat Lisa op haar keukenterras in de zon.
Ze had haar schouders vrijgemaakt en met een flesje zonneolie en een glas punch naast zich had ze een modeblad op haar schoot gelegd zodat de mensen zouden denken dat ze aan het lezen was, maar eigenlijk lag ze gewoon te zonnebaden.
Ik zocht achter in de flat de koelte op.
Ik zocht plaats in een paar kasten. Ik weet niet waarom. Ik weet niet waarom ik plaats zocht, want ik had geen spullen. Ik denk dat ik gewoon op zoek was naar spullen van Glenn, denk ik. Ik woonde nu al een tijdje bij Lisa in, maar omdat het er al vrij vol leek en omdat ik gewoon niet de centen had om zelf iets te kopen, leek het me fijn om zonder zorgen bij Lisa te wonen.
Maar nu bleek minstens de helft van die spullen van Glenn te zijn.
In het washokje was het ongelooflijk koel. Het was er klein, maar ik ging op de grond zitten en haalde met mijn ogen de spullen van Glenn uit de rekken. Ergens tussen een paar oude schoenendozen, vond ik een tennisracket. Het was een typisch Glennracket: duur en splinternieuw. Een prachtig, blinkend racket was het, van een duur merk en het was bijna ongeschonden. De oorspronkelijke snaren zaten nog perfect en het leren handvat was nog niet verkleurd. Ik kreeg kippenvel en ging met het racket naar het terras.
Lisa was ingedommeld.
Haar mondje stond een beetje open en haar lippen leken kurkdroog. Ik stond met dat racket van Glenn op het terras en bekeek het in zijn volle glans. Een prachtig, blinkend racket was het.
 
Een paar dagen later was Glenn er weer.
Hij kwam zijn klok halen. Die klok hing boven de ontbijttafel in de keuken, maar aangezien hij de tafel al had meegenomen hing die klok wat verloren en hij had ze nodig. Het was een ongewone klok en ik was een beetje triest dat ze de deur zou uitgaan. De klok was een groot groen blad en de grote wijzer was een kikker die van de ene minuut op de andere sprong.
‘Kan je de rest ook meenemen,’ vroeg Lisa.
Ze zat op het aanrecht.
‘Wat staat hier nog allemaal,’ vroeg hij rondkijkend.
‘Ik weet niet,’ zei ze, ‘nog een paar dingen.’
Hij keek nogmaals rond en stopte bij mij. Hij keek naar de lege plek onder de klok.
‘Kan ik soms een stoel gebruiken,’ vroeg hij vriendelijk.
Ik ging de woonkamer in en kwam terug met de tuinstoel van het terras en zette die onder de klok, op de plaats waar vroeger de ontbijttafel stond. Glenn deed zijn schoenen uit en ging op zijn sokken de stoel op en rekte zich tot bij de klok. Hij zette zijn wang tegen de muur en keek waar het haakje zat. Lisa keek me bezorgd aan.
‘Ziezo,’ zei hij en hij sprong met de klok een beetje van die stoel af, deed zijn schoenen weer aan en keek ons aan.
‘Nu weet ik weer hoe laat het is,’ zei hij nog, ‘trouwens: die stoel is ook van mij.’
  
Glenn was op zich een beste kerel.
Dat was het minste wat je over hem kon zeggen. Hij was heel rustig van nature en was met de jaren nog rustiger geworden. Misschien was dat ook wel de reden waarom Lisa het niet meer zag zitten met hem. Maar Glenn was dus oké. Hij kon evengoed venijnig gevraagd hebben:
‘Hé, waar is jullie tafel nu? Hebben jullie nog geen nieuwe tafel? Dat is vreemd.’
Maar Glenn was oké.
Hij wist dat we het niet breed hadden en hij wist dat ik iets probeerde bij te verdienen door hier en daar een uurtje tennisles te geven aan een of andere oude dromer en hij wist dat die tafel er vroeg of laat wel zou komen.
‘Oké, dan ga ik maar,’ zei hij met die klok onder zijn arm.
‘Bedankt om de spullen te komen halen,’ zei Lisa.
‘No problemo,’ zei Glenn met een vreemd accent, ‘ik kom de rest later wel halen.’
Lisa zei: ‘Oké.’
Ik zei: ‘De rest?’
Toen we alle drie in de hal stonden, hield Glenn zijn hand aan de deur en had het moeilijk om buiten te geraken. Hij keek nog wat rond op zoek naar nieuwe spullen en toen zei hij plots:
‘Daar staat nog een stukje van mij.’
Hij wees nogal grappig naar zijn racket, dat in de paraplubak stond.
‘Ja,’ zei ik en ik nam het racket, liet het even om zijn as draaien, ving het weer op en gaf het hem.
‘Misschien moeten we eens afspreken,’ zei hij plots tegen me alsof we al jaren dubbelpartners waren.
‘Wat denk je,’ herhaalde hij, ‘ik kan best wat lessen gebruiken.’
Het was even stil.
‘Wat zeg je ervan?’
Lisa schoot in de lach.
‘Ik heb je telefoonnummer wel,’ zei hij en het was vreemd want ook hij lachte en ik wist niet of hij het meende of niet. Hij stond zowat de kikker op de klok met zijn vinger rond te draaien en toen ging hij gewoon weg.
‘Jammer van die klok,’ zei ik, ‘echt design ook.’
‘Erg, hé,’ zei Lisa terwijl ze weer de keuken inging.
‘Ja,’ zei ik, hoewel ik geen flauw idee had wat ze erg vond.
‘Hij blijft er zo rustig bij,’ zei ze.
Ze ging weer op het aanrecht zitten.
‘Het is ook al een tijdje geleden,’ zei ik.
‘Ja, natuurlijk,’ zei ze. Ze was het blijkbaar vergeten.
Ik ging voor haar staan en zij sloeg haar benen rond mijn middel. Ik hield haar stevig vast en zag over haar schouder op de bovenste kast mijn sollicitatiebrieven liggen, terwijl het buiten zwoeler was dan ooit en terwijl ze zei:
‘Ja, hij maakt graag grapjes.’
Lisa was verrukkelijk. Maar ze verdiende het niet om mij te onderhouden. Ze verdiende een tafel om op te ontbijten. En daarna verdiende ze croissants.
 
Het was fijn om ‘s zomers tennisles te geven. Het was warm en aangenaam, maar soms was het gewoon te warm. Dan zweette ik me te pletter en moest ik af en toe even gaan schuilen onder een parasol terwijl mijn leerlingen de ballen gingen oprapen.
‘Pauze,’ vroeg een opgewekte stem plots terwijl ik een blikje ijsthee leeg slurpte.
Ik draaide me om. Glenn stond achter de omheining. Zijn gezicht zag er rood uit en hij had een sporttas in zijn ene hand en zijn Glennracket in zijn andere hand. De omheining verdeelde zijn gezicht in rode ruitjes.
‘Glenn,’ groette ik hem zakelijk.
‘Heb je straks eventjes tijd om een balletje te slaan,’ vroeg hij ongegeneerd.
‘Het is heet,’ antwoordde ik.
‘Zeg dat wel,’ zei hij en toen ging hij gewoon verder:
‘Een half uurtje maar. Ik betaal je natuurlijk. Normaliter.’
Hij zag mij aarzelen. Ik dronk het blikje leeg, kneep het in mijn hand tot moes en wierp het in de vuilnisbak.
‘Weet je wat,’ zei hij terwijl hij zijn racket vastnam en een forehand sloeg, ‘ik betaal je voor een uur en jij geeft me gewoon een paar tips.’
‘Ik weet niet,’ zei ik.
‘Wat weet je niet,’ zei Glenn. Glenn werkte voor een belangrijke firma. Hij wist op mensen in te spelen, hoewel ik ervan overtuigd was dat er geen kwaad opzet mee gemoeid was. Maar uiteindelijk begon ik me schuldig te voelen omdat hij zo vriendelijk bleef met die tafel en al en toen dacht ik alleen nog aan die tafel en ik zei:
‘Oké dan.’
‘Fantastisch,’ zei hij, ‘is dit je laatste groep?’
‘Ja,’ zei ik.
‘Fantastisch,’ zei hij en hij ging weg. Waarschijnlijk naar de kleedkamers waar het koel was en waar hij zich in alle kalmte kon voorbereiden. Ik keek omhoog naar een van de woonblokken en zag een paar mensen op hun terras zitten. Sommigen zaten te zonnebaden, anderen leunden met hun ellebogen over de rand en bestudeerden het vreemde gedrag van mensen in die onmenselijke hitte.
Wellicht werd ik ook bestudeerd.
 
Na de laatste groep kwam Glenn op geheel Glennachtige wijze het terrein op. Hij had een vlekkeloos wit hemd en short aan en ook zijn schoenen waren zo wit als sneeuw. Zijn Glennracket viel nog meer op naast dat versleten visnet van mij.
‘Ik ben er klaar voor,’ zei hij.
‘Oké,’ zei ik.
‘Wat moet ik doen,’ vroeg hij.
‘Oké,’ zei ik.
‘Ik heb er echt zin in,’ herhaalde hij.
‘Ja,’ zei ik, ‘oké.’
Glenns forehand was een probleem dus stelde ik voor om een half uur op die forehand te werken. Hij ging daarmee akkoord en ik gaf hem een paar oefeningen en tegelijk gaf ik zo nu en dan een tip die hij gretig aanvaardde. Ik kan moeilijk zeggen dat zijn forehand na een half uur spectaculair was verbeterd, maar hij leek tevreden en daarmee was ik ook tevreden en hij bedankte me voor de tips en we hielden het voor bekeken.
Gedienstig hield hij het hekje voor me open toen hij vroeg:
‘Iets drinken?’
Ik antwoordde dat we dat maar beter niet zouden doen. Met heel die situatie.
‘Niet gezond,’ vertelde ik hem.
Hij begreep het niet echt, maar aanvaardde het. Hij betaalde me het bedrag voor een uur, ik bedankte hem en we schudden elkaar de hand.
 
Thuis zat Lisa een reclamefolder te doorbladeren.
Ze zat op het terras en zei:
‘We hebben toch een tafel nodig.’
‘Natuurlijk,’ zei ik, ‘natuurlijk.’
Ze had het oranje scherm helemaal naar beneden laten zakken, waardoor de zon nu volledig gedempt werd. We zagen nog een rond silhouet aan de horizon, maar voor de rest was er een oranje muur rond ons getrokken.
‘Zit je hier al lang,’ vroeg ik.
‘Een tijdje,’ zei ze.
Ik ging achter haar staan en keek mee in de reclamefolder.
‘Welke tafel had je op het oog,’ vroeg ik.
Ik zweeg over Glenn en zijn forehand.
Ik voelde me goed dat ik iets had verdiend, maar tegelijk zag ik Lisa daar zo zitten en ik was op slag ontroerd door de manier waarop ze door de folder bladerde, waarop ze me aankeek.
‘Hé,’ vroeg ik.
Ik wist niet meer wat te zeggen, maar ik wist wel dat dit de eerste en de laatste les van Glenn was geweest. Ik zou ermee kappen, zoveel stond vast.
‘Ik heb dorst,’ zei Lisa, ‘ik ga iets halen.’
‘Laat maar,’ zei ik en ik was al weg naar de keuken om een glaasje punch uit de koelkast te halen en zo mijn schuldgevoel in het diepvriesvak te steken.
  
Twee dagen later deed ik mijn sollicitaties op de post.
Toen ik terug thuiskwam, zat Glenn in de keuken. Hij zat er met een vuil T-shirt tegen de muur. Hij zag er bezweet uit. Tussen zijn benen op de grond lag een reclamefolder die verdacht veel leek op die waarin onze nieuwe keukentafel stond.
‘Glenn,’ zei ik weer, iets minder zakelijk, maar toch nadrukkelijk.
‘Hallo,’ zei hij, ‘die tafel ziet er niet slecht uit.’
Lisa kwam binnen.
‘Hallo schat,’ zei ze. ‘Glenn komt zijn koelkast halen,’ voegde ze eraan toe en ze gaf me een kus achter het oor.
‘Ah,’ zei ik, ‘wat een verrassing. Wat jammer ook. Echt design.’
‘Ja,’ zei Glenn, ‘en het valt niet mee.’
‘Zwaar,’ informeerde ik.
‘Normaliter,’ zei hij.
Hij stond op en ging voor de koelkast staan. Het was een mooie koelkast, Amerikaans model, een koelkast uit een stuk, een koelkast die op het eerste gezicht van Lisa leek. Op de deur hingen enkele foto’s met magneetjes vast. Foto’s van Lisa en ik op het strand, op het jaarlijks dubbeltoernooi, in een oud klooster ergens in Spanje. Er hing ook een fotootje dat Lisa op een vroege ochtend van mij had genomen toen ik slaperig en suf voor me uit zat te staren aan de ontbijttafel in de keuken. Die foto hing er nog. Ik was er ook nog. Maar blijkbaar was de hele keuken aan het verdwijnen.
Glenn wees naar de foto's.
‘Jij weet wellicht beter waar je die kwijt kan,’ zei hij.
‘Ja,’ zei ik en ik haalde ze er een voor een af en gaf ze aan Lisa, die ze tegen het licht hield alsof ze negatieven aan het bekijken was.
‘Glenn is net een boek aan het lezen over Zen,’ zei ze en ze lachte naar me.
‘Ja,’ vroeg ik.
Glenn knikte en slikte iets door. Hij hield zijn handen rond de koelkast en probeerde ze even op te heffen.
‘Heel interessant,’ zei hij.
Glenn en Zen, het leek me echt iets voor Glenn.
‘Ik wist niet dat dit ook van jou was,’ zei ik.
Ik wou over andere dingen beginnen. Dingen die belangrijker waren dan Zen. Ik vond Glenn nog steeds een beste kerel. Maar ik bleef erbij dat vrienden worden zo goed als uitgesloten was.
‘Ik ook niet,’ zei Lisa, ‘ik was het vergeten.’
 
Die koelkast kregen we niet beneden.
Het was onbegonnen werk en we spraken af dat Glenn iemand zou meebrengen om ons te helpen die koelkast uit de flat te krijgen. Toen Glenn de deur uit was, maakte ik twee sandwiches klaar.
‘Ik vind het zo erg voor hem,’ begon Lisa ineens.
‘Het is ook erg,’ zei ik, ‘maar eerlijk gezegd zou ik totaal anders reageren.’
‘Ja, dat weet ik wel,’ zei ze alleen maar.
‘Ik zou,’ zei ik, ‘ik weet niet wat ik zou doen, maar ik zou alleszins niet doen wat hij nu doet.’
‘Ja, maar je moet het ook van zijn kant zien,’ zei Lisa.
‘Ja, ik weet het,’ zei ik, ‘maar toch.’
Ik maakte de sandwiches klaar, met groenten en sla, en ik bracht ze op een groot bord naar de slaapkamer, waar Lisa en ik vroeg naar bed gingen. We lieten de gordijnen open. Het was nog licht en het raam stond open en we zetten een film op, aten onze sandwiches en halverwege de film deden we het raam dicht en tussen de kruimels kropen we dicht bij elkaar tot het helemaal donker was. Maar ik kon me niet concentreren op de film.
‘Zeg,’ vroeg ik ineens, ‘wat komt Glenn morgen halen?’
‘Wat bedoel je,’ grapte ze.
‘Neen, ik meen het. Wat komt hij morgen halen? Welke spullen zijn eigenlijk nog van jou?’
Ze keek weer naar het scherm, maar was zichtbaar verstoord. Een beetje uit haar lood geslagen, antwoordde ze:
‘Weet ik veel.’
‘Weet jij veel?’
‘Ja, weet ik veel. De tv, die is minstens voor de helft van mij.’
‘De tv,’ antwoordde ik en ik keek naar de tv.
 
Glenns backhand was zo mogelijk een nog groter probleem dan zijn forehand.
We hadden afgesproken op het middaguur.
Hij had me opgebeld om te vragen of ik nog ergens een half uurtje vrij had en ik had hem geantwoord: ‘Ja, over de middag’. Ik zag niet in waarom Glenn om de haverklap bij ons thuis met zijn Zen-onzin kon komen aankloppen en ik hem geen tennisles mocht geven als ik er bovendien nog voor betaald werd ook. Ik deed er niks verkeerd mee en zo te zien zat alles lekker tussen iedereen.
‘Zou ik met een of met twee handen slaan,’ vroeg hij me.
‘Dat mag je zelf kiezen,’ vertelde ik hem, ‘sla zoals je normaal slaat.’
‘Met twee handen kan ik harder slaan,’ zei hij terwijl hij zijn racket als een baseballknuppel vastnam.
‘Misschien sla je beter met één hand,’ zei ik.
‘Normaliter,’ zei hij en voor de zoveelste keer wist ik niet waarop dat sloeg.
We begonnen en beëindigden de les zoals de vorige keer. Na elke oefening gingen we even onder de parasol zitten en namen wat ijs uit de koelbox die Glenn had meegebracht. We legden het ijs in onze hals en we voelden de rillingen tot in onze tenen.
‘Handig, hé,’ zei hij.
Na de les gingen we vlug iets drinken in de bar.
‘Hoe gaat het met Lisa,’ vroeg hij.
‘Best,’ zei ik.
We hadden een beleefd gesprekje, Glenn en ik, daar in de bar van de Watersportbaan, die net lijkt op een bar van een luxe hotel, waar de rieten zeteltjes met zachte kussens en de Martini’s en Campari Oranges je in tropische sferen brengen. Glenn sprak veel, meestal over zichzelf, maar ook een beetje over Lisa. Uiteindelijk bedankte hij me en bijna vergat hij me te betalen. Maar hij betaalde. Meer nog, hij betaalde me voor een uur en daarna bestelde hij nog een Campari en knipoogde naar de ober zoals alleen Glenn dat kan.
 
‘s Nachts droomde ik over Glenn.
Ik droomde ook nog over andere zaken, maar vooral over Glenn. Ik geloof dat we aan een ontbijttafel zaten ergens in een winkelcentrum en dat hij maar bleef doorratelen over Lisa en hoe ik haar moest aanpakken en dat ik alles heel snel in steno noteerde op de achterkant van mijn sollicitaties. Ik wist het niet meer precies, maar het feit dat ik over hem had gedroomd, maakte mij wat overstuur. Ik bleef in bed liggen en voelde me heel flauwtjes. Ik had er geen idee van hoe laat het was. Ik voelde me allerminst op mijn gemak toen ik aan het eind van de namiddag Glenn onder ogen kwam. Voor hem was er geen vuiltje aan de lucht, maar bij mij schortte er iets.
Niettemin leerde ik hem een spinservice in drie verschillende stappen, waarna we allebei tevreden met het resultaat een koele douche namen in de kleedkamers.
 
Terug thuis, bij Lisa, wou ik iets fris uit de koelkast halen, maar ik merkte dat al het fris in de koelbox van Glenn stak, want de koelkast bleek nu, net als een pak andere spullen, de flat uit.
‘Glenn heeft ons zijn koelbox geleend tot we iets anders hebben,’ zei Lisa.
Ze zat niet op het terras, maar op de sofa en ze had zowel het scherm als de gordijnen gesloten. Waarmee ze bezig was, leek me niet duidelijk.
‘Ah,’ zei ik alleen maar.
Daar had Glenn me niets over verteld. En wanneer was hij dat spul dan komen halen, dacht ik zo.
‘Waar zat je zo lang,’ vroeg Lisa plots.
‘Ik heb nog iets gedronken in de bar,’ loog ik. Ook daar had Glenn geen woord over gezegd.
‘Je kunt hier toch ook iets drinken,’ zei Lisa, ‘het is amper een straat ver.’
‘Hier staat niets fris,’ begon ik.
‘Jawel, het staat allemaal in die koelbox,’ zei ze.
‘Zeg,’ ging ik verder en ik draaide maar wat rond, ‘vind je dat nu niet wat overdreven?’
‘Wat?’
‘Niets,’ zei ik, ‘niets.’
 
‘s Avonds werd de tuinstoel van het terras gehaald, het oranje scherm opgerold en de gewassen witte tenniskledij aan een plastic draad opgehangen. Er hingen massa’s witte shorts en T-shirts aan die draad. Soms trok ik wel tot drie keer per dag een ander shirt aan omdat ik me al te pletter zweette door alleen maar al de trappen af te gaan. Ik haalde alles uit de mand en Lisa nam en controleerde alles. Ik weet niet wat ze controleerde, maar ze bekeek alles om te zien of er niets veranderd was.
‘Is dit van jou,’ vroeg ze opeens.
Ze had een witte short van een duur merk in haar handen.
‘Ik denk het niet,’ zei ik.
‘Vreemd,’ zei ze.
Ze hield de short voor zich en wou erdoor kijken. Daarna gaf ze hem door. Ik hield hem voor mij, voelde aan de stof, rook er zelf eens aan.
‘Ja, dat is op z'n minst vreemd,’ zei ik, hoewel ik wist dat ik met de short van Glenn in mijn handen stond. Wellicht wist Lisa het ook. Misschien had zij zelfs die short voor Glenn uitgekozen toen alles nog lekker liep en ze samen de pashokjes ingingen om dingen te passen.
‘Inderdaad,’ zei ik.
We stonden daar allebei op het terras, met kleren die als vlaggen heen en weer wapperden en ik hield de short nog een keertje voor me.
‘Ja, vreemd,’ zei ik nog.
  
Een paar dagen later lagen we weer in bed. Het bed was nog een van de weinige meubelstukken die we konden gebruiken. Er viel nog te leven in de flat, maar met Glenn was het meeste van ons comfort toch de deur uitgegaan. Lisa begon aan mijn oor te likken. Ze deed me giechelen. Daarna maakte ik haar aan het giechelen door haar kleine teen te kietelen. We begonnen ons uit te kleden, toen ik plots iets moest vragen. Het was nog nooit eerder in me opgekomen. Misschien was het de leegte die de vraag deed oprijzen.
‘Lisa,’ vroeg ik, ‘is dit jouw bed?’
‘Mijn bed? Natuurlijk is dit mijn bed. Wat een gekke vraag.’
‘Ik bedoel, het lijkt nogal… design. Is dit echt jouw bed?’
Lisa zuchtte.
‘Neen, het is van Glenn en wat dan nog?’
Ik zuchtte en ging rechtop zitten. Lisa kwam naar me toe gekropen en sloeg haar armen rond mijn hals, maar ik hield me kranig.
‘Het spijt me, Lisa, maar ik kan dit niet.’
‘Wat kan je niet?’
‘Ik kan het niet in zijn bed.’
‘Je kon het al die keren ervoor wel.’
‘Ik kan het niet nu ik weet dat het zijn bed is.’
 ‘Tja,’ zei Lisa.
 
Een paar dagen later liepen we rond in een meubelzaak. Ik duwde een karretje voort en leunde vermoeid voorover. Het was er drukkend warm en de muzak bezorgde me na een kwartier een helse hoofdpijn. We zochten een nieuwe tafel, een nieuwe koelkast, een nieuw bed: zowat alles wat een mens nodig heeft om te leven. We kochten ook nog een paar andere, kleinere spullen, zoals een oventimer, een bureau en een parasol voor het terras. Ik moet toegeven: het was allemaal nogal design en het leek allemaal nogal veel op de spullen van Glenn. Ik weet niet waarom: die kerel had gewoon het beste, dus wat was daar verkeerd mee? We spraken af dat we elk de helft zouden betalen. Mijn helft bestond voor het grootste deel uit de lessen die Glenn me zo royaal betaald had.
  
De volgende dag gaf ik Glenn zijn laatste les. Ik besefte dat ik Glenn een beetje had geholpen met zijn forehand en zijn backhand en hem enige notie had gegeven over een spinservice, maar ik was ervan overtuigd dat hij zelf voor een volley en een smash zou moeten zorgen. Tot mijn verbazing zag hij het zelf ook zo. Alleen voegde hij er nog iets aan toe:
‘Ik denk dat ik het voornaamste onder de knie heb, denk je niet?’
‘Ja, ik denk het, Glenn,’ zei ik.
‘Ik denk het ook. Zie je het zitten om met mij een dubbeltoernooi te spelen? Ik heb ons al ingeschreven.’
Ik weet niet waarom, maar ik had zoiets van: ik slaap met zijn ex, dus kan ik niet anders dan met de kerel een dubbeltoernooi spelen. Trouwens, hij was aanzienlijk verbeterd en met mijn hoge notering en zijn lage notering konden we ons inschrijven in de laagste reeks. Een makkie.
‘Breng Lisa mee,’ zei Glenn.
‘Ik denk niet dat ze wil,’ zei ik.
‘Breng haar mee. Ik wil haar laten zien hoeveel ik verbeterd ben.’
Lisa vroeg niet veel over mijn dubbelpartij met Glenn. Het liet haar koud. Ze was ooit voor me gevallen omdat ik een goede tennisser was en ooit zou ze het zelf eens leren. Maar nu Glenn op de een of andere manier ook bij dat tennis was betrokken, leek ze de hele zaak af te blazen. Ze kwam dus ook niet opdagen tijdens het dubbeltoernooi. Maar Glenn wel, en dan nog met een splinternieuw racket. Glenn schonk me het duurste racket.
We speelden onze wedstrijd en wonnen.
We speelden onze tweede wedstrijd en wonnen.
Tegen de finale had Glenn ons al uitgedost met polsbandjes, dure merkkledij en petjes met zonneklep. We zagen eruit als Jansen en Jansens in tenniskledij.
‘Nu zijn we pas echt dubbelpartners,’ zei Glenn.
‘Ja, echte dubbelpartners,’ zei ik, ‘Glennie. Normaliter.’ En ik lachte.
 
‘Ik kom de tafel halen,’ klonk mijn stem door de intercom, een maand later.
 
 
Uit: ‘Soms is kort lang nog niet zo slecht’, de verhalenbundel van Bavo Dhooge die in september 2025 verschijnt bij Poespa Producties.
0 Opmerkingen

Je opmerking wordt geplaatst nadat deze is goedgekeurd.


Laat een antwoord achter.

    Inhoudstafel fictie
    Oproep verhalen
    AI-gegenereerde fictie
Powered by Maak je eigen unieke website met aanpasbare sjablonen.
  • Home
  • FICTION
  • Interviews
  • Agenda
  • BOOKS
  • FILMS
  • MUSIC
  • COMICS
  • Van deze wereld
  • Academie van fantastiek
  • Reel van de Fantastische Unie
  • SF-Cafes
  • Niet van deze wereld
  • EC Bertin
    • EDDY C. BERTIN✝
    • Eerbetoon
  • Alfons Maes✝
  • Wie we zijn
  • Get In Touch