Out of this World
  • Home
  • FICTION
  • Interviews
  • Agenda
  • BOOKS
  • FILMS
  • MUSIC
  • COMICS
  • Van deze wereld
  • Academie van fantastiek
  • Reel van de Fantastische Unie
  • SF-Cafes
  • Niet van deze wereld
  • EC Bertin
    • EDDY C. BERTIN✝
    • Eerbetoon
  • Alfons Maes✝
  • Wie we zijn
  • Get In Touch

VERHALEN

M.G. Crow - De boodschapper

28/1/2025

0 Opmerkingen

 
Donkere ogen staren me aan. Ik voel ze in mijn rug. Ze zijn omringd door donkere veren. Ik hoor krassen, het geluid leidt me naar een plek die me bekend voorkomt, al ben ik hier nog nooit geweest.
De wereld rondom mij is anders. Ik ben nog in het bos, maar het is donker, alsof het in een fractie van een seconde nacht is. Ik herken de plek. Het is het kruispunt van dimensies.
Nooit had ik gedacht dat ik hier zou komen. Dit overtreft al mijn dromen en verwachtingen. Mijn hart slaat zowat uit mijn borst als de kraai tevoorschijn komt. Parmantig gaat ze op een overhangende tak zitten en lijkt me van kop tot teen te keuren. Ben ik haar waardig?
Ze is de sleutel, de boodschapper. De laatste weken achtervolgt ze me, niet alleen in mijn dromen, maar ook in de realiteit. Ze heeft haar nest gemaakt, hoog op het dak van de achterburen. Ze bekijkt me als ik op mijn zolderkamer zit te studeren.
Als ik buiten kom, vliegt ze me tegemoet. Ze nodigde me uit om naar deze plek te komen en ik heb de uitnodiging aanvaard toen ze op mijn schouder kwam zitten. Ik was met een opstel bezig en had het raam open gezet. De kraai vloog binnen en begon als het ware mee te lezen.
Ik hou van schrijven en werelden creëren en ontdekken. De kraai is mijn buddy. Ze weet dat een opstel schrijven voor mij geen huiswerk is. Dat is een wiskundige formule ontcijferen, of een atoom tekenen voor chemie.
Opstellen schrijven is mijn ontspanning. Ik doe het als laatste, als ik mijn andere vakken af heb. Het is mijn beloning. Die verdien ik als ik me door saaie materie heb gewerkt, die me minder ligt.
De kraai volgt me naar school. Ze vliegt met me mee. Ik noem haar Krakra, al vermoed ik eerder dat het een hij is. Zeker weet ik het eigenlijk niet. Het is mijn beste vriend of vriendin, naast mijn kat, die de vogel best niet te zien krijgt.
Nu is de kraai mijn dromen binnengedrongen en neemt me mee naar een verlaten plek in een donker bos. Ik weet instinctief dat dit een portaal is. Wat er aan de andere kant ligt, daar krijg ik een glimp van te zien, maar ik mag er nog niet heen. De plek straalt vrede uit. Ik zie er mensen van alle leeftijden en lagen van de bevolking vrolijk samen zitten. Is dit mijn plek in het hiernamaals?
De hel bestaat ook, maar die zie ik niet. Ik weet wel dat er dolende zielen zijn, die geen rust vinden. Ze blijven rondlopen, hopend om gezien te worden. Ik ben zo een van die mensen die hen kan waarnemen. Deze gave vervloek ik. Velen van hen zijn geen arme zielen die over willen. Het zijn dikwijls postume psychopaten, die de levenden mee in hun val willen trekken. Ze willen je bang maken, om dat van je energie af te tappen. Ze krijgen er macht door en kunnen soms arme levende zielen meenemen in hun graf.
Het is alsof de kraai mij wil leren hoe ik me voor deze zieke geesten moet afsluiten. Het besef dat ze ook nog onder de levenden te vinden zijn, doet me inzien dat het een zware les zal worden. Wie kan ik vertrouwen, wie niet?
Krakra krast. Het is alsof ik woorden versta. Het dier vertelt me dat het naar de andere kant moet. Het  zal als geest over me waken.
Dit is niet wat ik wil horen. Ik wil mijn zwart gevederde vriendin niet kwijt. Niet nu ik haar harder dan ooit nodig heb.
Welke les wil zij me leren? Ik weet het niet. Mijn wekker doet me overeind komen. Ik sta op en kijk door het raam als ik het vertrouwde gekras hoor.
Krakra zit op de schoorsteen, zoals gewoonlijk. Ik voel onrust in de lucht.
Als ik mijn kleren aantrek, hoor ik een luide knal, die mijn hart een tel doet stilstaan. Een ijzige kreet weerklinkt als ik Krakra zie vallen. Door het raam zie ik de oude man die de kraai een lawaaierig rotbeest noemde uit zijn raam hangen. Zijn geweer rookt nog na. Hij heeft een grijns op zijn tronie en kokend vanbinnen bal ik mijn vuist.
Ik had die oude zeikerd al zo vaak gewaarschuwd mijn krassende vriendin met rust te laten. Ik kan me niet meer houden en open het raam.
‘Dit gaat je zuur te staan komen!’ roep ik.
De oude man lacht me enkel uit en sluit zijn raam. Ik besef dat hij geen spijt heeft van de moord.
 
Met een neergebogen hoofd kom ik terug van school. Mijn vriendin is er al drie dagen niet meer. Ik zie een ambulance staan als ik de straat achter mijn hoek inloop.
Buren kijken toe vanuit hun ramen en deuropeningen als ze de oude man op een berrie naar buiten dragen, de ziekenwagen in. Met sirene en zwaailichten rijdt het voertuig weg.
Later verneem ik dat hij van de trap is gevallen en levenslang verlamd zal zijn. Ik schrik niet en het laat me ergens onverschillig. Ik had hem gewaarschuwd.
Ik kijk in de lucht. Het is een reflex en nog steeds hoop ik dat Krakra op mijn schouder zal landen, dat zij het schot heeft overleefd. Ik weet dat het niet waar is, maar nergens is er een lichaam van een dode kraai gevonden.
Ik weet dat hij in de andere dimensie op mij wacht. Ondertussen moet ik me recht houden voor de zielen die me roepen, zowel hier als aan de andere kant.

0 Opmerkingen

Je opmerking wordt geplaatst nadat deze is goedgekeurd.


Laat een antwoord achter.

    Inhoudstafel fictie
    Oproep verhalen
    AI-gegenereerde fictie
Powered by Maak je eigen unieke website met aanpasbare sjablonen.
  • Home
  • FICTION
  • Interviews
  • Agenda
  • BOOKS
  • FILMS
  • MUSIC
  • COMICS
  • Van deze wereld
  • Academie van fantastiek
  • Reel van de Fantastische Unie
  • SF-Cafes
  • Niet van deze wereld
  • EC Bertin
    • EDDY C. BERTIN✝
    • Eerbetoon
  • Alfons Maes✝
  • Wie we zijn
  • Get In Touch