Out of this World
  • Home
  • FICTION
  • Interviews
  • Agenda
  • BOOKS
  • FILMS
  • MUSIC
  • COMICS
  • Van deze wereld
  • Academie van fantastiek
  • Reel van de Fantastische Unie
  • SF-Cafes
  • Niet van deze wereld
  • EC Bertin
    • EDDY C. BERTIN✝
    • Eerbetoon
  • Alfons Maes✝
  • Wie we zijn
  • Get In Touch

VERHALEN

Mike van Dooyeweert - Bezorg me een drakenei!

28/7/2026

0 Opmerkingen

 
‘Ah daar ben je, kom dichterbij.’ Generaal Ivanov van het Roestbergse leger wenkte Pjotr.
Pjotr liep naar voren, verder de groene legertent in. Hij zag ertegenop om midden in het conflict tussen de koninkrijken Roestbergen en Frankenheuvel terecht te komen. Maar ja, als boodschapper ontkwam hij daar niet aan.
De generaal hield zijn handen gespreid voor zich op tafel, een landkaart onder hem. Ivanov knikte hem even toe. Daarna haalde hij een envelop uit de binnenzak van zijn uniform, die hij Pjotr overhandigde. ‘Ik heb een opdracht voor je. Enkele uren geleden is een van mijn onderofficieren omgekomen op het slagveld. Spijtig, natuurlijk, maar we gaan zijn dood in ons voordeel gebruiken. In de envelop die je vast hebt, zitten gedetailleerde plannen voor een aanval met een draak.’
Pjotr fronste. ‘Maar … draken bestaan niet.’
‘Dat weet ik, maar we gaan het leger van Frankenheuvel laten geloven dat we de ijsdraak hebben getemd. Alles is zo geloofwaardig mogelijk en tot in de details uitgewerkt.’
Ah ja, de draak in het veel bevochten berggrensgebied tussen Roestbergen en Frankenheuvel. Er gingen de wildste verhalen rond over het bestaan ervan, maar iedereen – aan beide kanten – beschouwde die als sprookjes.
‘Jij haast je naar het lichaam,’ zei de generaal, ‘en plant de envelop op mijn officier. We willen dat hij door de vijand gevonden wordt, want zo komen ze ook achter onze zogenaamde plannen. We hopen ze af te schrikken of te imponeren. Intussen kunnen wij nadenken over onze volgende zet.’
Pjotr slikte. De zenuwen gierden door zijn lichaam. Dit was wel even iets anders dan de opdrachten die hij normaal gesproken aannam.
‘Zorg dat je niet betrapt wordt tijdens je missie. Het gerucht verspreiden, daarentegen, werkt alleen maar in ons voordeel. Vertel het mensen. Je hebt het uit eerste hand, enzovoorts. Maar pas wel op met wie je in vertrouwen neemt.’ De generaal stak een wijsvinger in de lucht.
Pjotr knikte. Hij kon niet anders dan accepteren. Weigeren durfde hij niet tegenover de imposante figuur voor hem. Hij boog zich met de generaal over de kaart en kreeg instructies over waar hij precies heen moest.
 
#
 
Pjotr had het lichaam zo gevonden. Het lag in een dorp aan de voet van de berg. Daar, in het avondlicht, lag het levenloze lichaam van de officier, de ogen nog open. De man lag op een bevroren keienpad dat zich door het dorp heen slingerde.
Opnieuw voelde Pjotr een spanning in zijn buik. Zijn adem kwam in witte wolkjes uit zijn mond. Er ging een rilling door hem heen.
Hij haastte zich naar het lichaam, intussen goed om zich heen kijkend. Zijn hart maakte een sprongetje toen hij beweging zag achter een nabijgelegen struik.
Hij keek nogmaals: niets. Het zal een dier geweest zijn.
Pjotr bukte zich. Met zijn bezwete vingers pakte hij de envelop uit zijn zak, die hij vervolgens in een van de uniformzakken van de gevallen officier stak.
Missie geslaagd. Hij kwam overeind.
‘Hallo daar, vreemdeling!’
Er ging een schok door Pjotr heen. O nee! Met een ruk draaide hij zich om. Tegenover hem, in de bosjes, stond een man met een viezige witte baard. Hij liep naar Pjotr toe. Het haar van de man zat in de war. Hij had ook een rode drankneus en een verdwaasde blik in zijn ogen.
‘Ach ja, oorlogen,’ zei de man. ‘Daar kan Igor je genoeg over vertellen. Hm-hm, ja. Ik heb zelf ook gediend in de eerste oorlog. Ik loop er nog steeds mank van. Zie je, we werden in de val gelokt …’
Pjotr pakte Igor bij zijn schouders. ‘Wat heb je gezien?’
Hij ging onverstoorbaar door. ‘… en ja, toen waren we ineens omsingeld. En toen, au!
Tja, zo’n bajonet komt hard aan.’ Hij wees naar zijn heup.
Pjotr schudde de man door elkaar. ‘Vertel op! Wat heb je gezien?’
‘Heb je het verhaal van de ijsdraak gehoord? Ah ja, hm-hm. Het is ‘n mooi verhaal, maar ik denk niet dat het waar is. Heb weleens iets zien vliegen, maar ja, ik zie ze wel vaker vliegen, haha.’ De dwaas schudde zijn hoofd. Toen brak er een glimlach door op zijn gezicht. Er verscheen een twinkeling in zijn ogen. ‘Mooi weertje vandaag, niet? Ja, hm-hm. Beetje koud wel.’
Fronsend liet Pjotr de man los. Hij draaide zich om en wreef over zijn kin. Wat te doen? Kon hij er echt op vertrouwen dat de dwaas niets had gezien? En zo ja: hoe erg was dat? Mensen namen dwazen nu eenmaal niet serieus.
‘Ik heb je gezien, hm-hm, jaja.’ De stem van de man doorkliefde de winterse avond. De haartjes op Pjotrs armen en nek gingen overeind staan.
Verdomme!
Pjotr draaide zich om en greep hem opnieuw bij zijn schouders. ‘Luister, Igor. Het is heel belangrijk dat je niemand vertelt wat je mij hebt zien doen, akkoord? Dit is ons geheimpje. Vooral de Frankenheuvelers mogen er niet achterkomen. Je staat aan onze kant, toch?’
‘Onze kant? Nou, hm, ik sta niet aan een kant. Niet meer. Igor praat met iedereen.’ De man glimlachte, waarbij hij een gebit blootlegde met bruine, rotte tanden. In zijn ondergebit ontbraken er twee. ‘Ik wil best zwijgen, jaja, maar daar moet wel iets tegenover staan, natuurlijk.’
Pjotr slaakte een diepe zucht. ‘Wat zou dat moeten zijn?’
Igor greep in zijn voddige kleding en haalde daar een verfrommelde envelop uit tevoorschijn. Hij zwaaide ermee in Pjotrs gezicht. Er kwam een smerige walm van het papier af. ‘Bezorg deze brief aan Svetlana in herberg De Bulkige Balalaika. Ik mag daar zelf niet meer komen.’ De oude man wees verder de berg op. Er begon een pad dat verder naar boven leidde. Pjotr zag inderdaad de contouren van iets wat een herberg zou kunnen zijn.
‘Svetlana is de liefde van mijn leven, ze weet het zelf alleen nog niet. Bezorg deze brief en doe een goed woordje voor me, jaja, hm-hm. Als dat je lukt, dan mondje dicht.’
Pjotr fronste en nam de brief aan. ‘Vooruit.’ Het enige voordeel van deze onverwachte zijmissie was dat hij in de herberg wellicht het gerucht kon verspreiden. Pjotr priemde met zijn vinger in de borst van de man. ‘Maar tot die tijd geen woord, tegen niemand!’
‘Natuurlijk, ja, hm-hm.’
Pjotr gromde. Zonder nog iets te zeggen nam hij het pad hoger de bergen in.
 
#
 
Pjotr stapte stevig door. Het pad liep langs begroeiing. Hij schrok toen hij plotseling een dier langs zich heen zag schieten, de struiken in.
Geen tijd om stil te staan. Hij moest ervoor zorgen dat Igor zijn mond zou houden.
Hij had de herberg gevonden en opende de houten deur. Toen hij naar binnen stapte voelde hij de aangename warmte van de open haard. Aan een stel tafeltjes aan de rechterkant van de herberg zaten soldaten. Aan de kledij te zien waren het Frankenheuvelers. Pjotr bleef even verbaasd staan, zijn missie spontaan vergeten. De mannen keken kort naar hem om, maar daar bleef het bij. Bijzonder. 
‘Welkom in De Bulkige Balalaika!’ zei een vrouwenstem. Pjotr knipperde met zijn ogen. De stem kwam vanachter de toog, daar stond een volslanke vrouw in een katoenen jurk. Ze schonk hem een brede glimlach. Zou dit haar zijn?
Pjotr kwam dichterbij. ‘Svetlana?’
De vrouw fronste en knikte langzaam. Ze slaakte een diepe zucht toen Pjotr de envelop tevoorschijn haalde.
‘Ik heb een boodschap voor je.’
Svetlana rukte de envelop uit zijn hand, rook er even aan. Ze schudde spottend met haar hoofd. ‘Die geur herken ik uit duizenden.’ Ze zette kracht en scheurde de brief aan stukken. Ze gaf de snippers vervolgens aan Pjotr. ‘Hier, hopelijk is deze boodschap een beetje duidelijk.’
Pjotr staarde verbaasd naar de aan stukken gescheurde brief.
‘Heeft Igor weer eens iemand voor zijn trojka gespannen? Het is niet te geloven.’ Svetlana schudde haar hoofd. ‘Die man. Echt …’
Ze tapte een biertje en zette het glas voor Pjotr neer. ‘Hier,’ zei ze, ‘dan ben je niet helemaal voor niks gekomen.’ Ze knipoogde.
Was dit een goed idee? Eigenlijk moest hij verder. Maar dit is wel een uitgelezen kans om over de draak te beginnen. Waar de vijand bij zit. Pjotr nam plaats aan de bar en nam een slok uit het glas. Zijn oog viel nogmaals op de groep soldaten. Hij hoorde ze luid met elkaar praten in een dik Frankenheuvels accent.
‘De tegenstander komt hier?’
Ze haalde haar schouders op. ‘Ik doe niet aan de oorlog hier. Iedereen is welkom.’
Pjotr keek van de soldaten naar Svetlana en vervolgens naar zijn glas. Toen kwam het besef: dit was het moment. Het kon niet mooier. Pjotr verhief expres zijn stem. ‘Ik … ik heb uit eerste hand vernomen dat het leger van Roestbergen de ijsdraak heeft getemd.’
Meteen viel er een stilte. Enkele soldaten draaiden zich naar hem om en trokken hun wenkbrauwen op. Een van hen produceerde een ‘pff’ en vestigde zijn aandacht weer op zijn drankje. De rest volgde zijn voorbeeld.
Svetlana maakte een spottend geluid. ‘Uit eerste hand? Die smerige klauw van Igor, zeker?’ Ze schudde nogmaals haar hoofd. ‘Die verzint ook echt van alles om indruk te maken!’
Pjotr nam een slok van zijn bier en dacht na.
‘Ik weet het goed gemaakt.’ Svetlana grijnsde. ‘Bezorg me een drakenei! Geef dat maar aan Igor door. Als hij hier voor me staat, met een drakenei, dan zal ik hem een kans geven.’
Pjotr knikte en stond op. Het laatste restje bier liet hij voor wat het was. Er was geen tijd te verliezen en dit was toch een verloren zaak. Een drakenei vinden ging nooit en te nimmer lukken. Hij nam afscheid en verliet de herberg.
 
#
 
Pjotr versnelde zijn pas tot hij bijna rende.
Hij stopte toen er plotseling een beest tegen een van zijn lederen laarzen stootte. Het dier wendde zich af, maar bleef stilstaan, keek achterom. Pjotr staarde in een zwart kraaloogje in een schubbige spitse kop. En hij zag nog iets: verspreid over het reptielachtige lichaam zaten blauwe glimmende ijskristalletjes. Ook had dit reptiel twee kleine, nog onderontwikkelde vleugeltjes.
Pjotrs ogen werden groot. Zou het dan toch? Dit was nog veel beter dan een ei, dit was het levende bewijs van het bestaan van een jonge ijsdraak. Hiermee kon hij het zwijgen van Igor wel kopen. Nee, ik moet dit beestje vangen en direct naar Ivanov brengen! Hij zag de blik in de ogen van de generaal al voor zich.
Maar … zijn oorspronkelijke missie dan? Die moest hij ook niet uit het oog verliezen. En toch: dit draakje kon alles veranderen. Hij had zijn besluit al genomen: hij moest het jong te pakken krijgen.
Pjotr rende achter het beestje aan, dat de weg naar boven inzette. Hij ging hoger en hoger de bergen in. De lucht werd ijler en Pjotrs hoofd voelde met iedere stap lichter aan. Uiteindelijk dook het draakje weg in een stel besneeuwde struiken. Pjotr aarzelde geen moment en dook erachteraan. Hij worstelde zich door de struiken en achtervolgde het dier.
Na wat worstelingen kwam hij, vol schrammen en blauwe plekken, uit bij een open plek.
Pjotr zag de draak nog net een enorme grotopening in schieten. Hij rende ernaartoe en bleef in de opening stilstaan. Het zwarte gat torende imposant boven hem uit. Dus dit is hoe een drakennest eruitziet. Hij zette voorzichtig een stap naar binnen. Het was aardedonker.
Vlak bij zijn oor klonk een luid gegrom, het was een diepe keelklank die nog het meeste weghad van het geluid van een sneeuwstorm. Er kwam hem een vrieskoude luchtstroom tegemoet, die hem kippenvel bezorgde. In de duisternis zag hij twee blauwe ogen verschijnen die op hem neerkeken. En nog iets anders: er ging iets open. Pjotr zag een witte wolk verschijnen en daar binnenin een blauwe bol die groter en groter werd. In het blauwe licht zag hij een opengesperde kaak met puntige tanden.
Wegwezen hier!
Hij stapte naar buiten en wierp zich opzij. Hij voelde hoe een stoot koude lucht langs hem heen ging.
Zijn hart klopte in zijn keel.
Pjotr stond op en werkte zich weer door de struiken heen. Het zweet stond op zijn voorhoofd. Achter zich hoorde hij de volwassen draak dreigend brullen. Toen hij omkeek, zag hij echter dat hij niet werd achtervolgd. Gelukkig.
Met meer schrammen dan op de heenweg vond hij zijn weg weer terug naar het pad.
 
#
 
Het lichaam van de officier was verdwenen en ook Igor was nergens meer te bekennen. Pjotr kreeg een knoop in zijn maag. Hij voelde de onzekerheid. Was het plan gelukt? Of had Igor toch zijn mond voorbij gepraat? Hij had geen idee. Met hangende schouders liep hij terug naar de tent van generaal Ivanov, onderweg zijn boodschap oefenend.
Toen hij de legertent naderde, zag hij enkel het doek wapperen in de ijzige wind. Er was niemand. Pjotr liep door de tent heen, naar het veld aan de andere kant.
Toen zag hij ze, de lichamen van de gevallen soldaten, Roestbergers.
In paniek liep hij langs de dode en zwaargewonde lichamen. Hier en daar kreunden soldaten met hun laatste krachten. Pjotr hoorde een enkeling gebeden prevelen. De een zag er nog ernstiger toegetakeld uit dan de andere. Hij liep langs een man wiens ingewanden uit zijn buik hingen. Zijn maag draaide zich om.
Hij vond generaal Ivanov leunend tegen een boom. De man had een diepe wond in zijn buik. Hij kreunde toen hij Pjotr zag naderen.
‘Boodschapper …’ De man hoestte bloed op, terwijl hij een vuist balde.
De tranen sprongen Pjotr in de ogen. Hij knielde en legde een hand op de arm van generaal Ivanov. ‘Het spijt me. Ik werd betrapt. En onder druk gezet. Maar …’ Hij richtte zijn blik op het bloed in de sneeuw, bang om de generaal onder ogen te komen. ‘… er is ook goed nieuws. De ijsdraak bestaat echt! Het was niet helemaal voor niets. Ik heb nog geprobeerd om een jong te vangen, maar–’
Wie houd ik eigenlijk voor de gek? Pjotr werd bevangen door een schuldgevoel. Als hij niet achter het beest aan was gerend, had hij Ivanov misschien nog op tijd kunnen waarschuwen.
De generaal barstte los in een hoestbui, waarbij hij wederom veel bloed verloor. De man fronste. ‘Bespaar me … je … laffe smoesjes … en laat me … in vrede … sterven.’ Hij wendde zijn hoofd af en zakte daarna opzij.
‘Nee!’ Pjotr pakte het slap geworden lichaam bij de schouders beet. De tranen stroomden Pjotr over de wangen. ‘Nee, nee, nee!’
Hij slaakte een zucht en liet zich naast het lichaam van Ivanov zakken. Verslagen gooide hij zijn achterhoofd tegen de stam van de boom. Hij sloot zijn ogen. Frankenheuvel had opnieuw de slag gewonnen en Igor, die vuile rat, liep nu nog steeds ergens rond. En de ijsdraak bestond echt, maar niemand, helemaal niemand, zou hem ooit geloven.
 
Dit verhaal werd ingezonden voor de verhalenwedstrijd 'De boodschap'.
0 Opmerkingen

Je opmerking wordt geplaatst nadat deze is goedgekeurd.


Laat een antwoord achter.

    Inhoudstafel fictie
    Oproep verhalen
    AI-gegenereerde fictie
Powered by Maak je eigen unieke website met aanpasbare sjablonen.
  • Home
  • FICTION
  • Interviews
  • Agenda
  • BOOKS
  • FILMS
  • MUSIC
  • COMICS
  • Van deze wereld
  • Academie van fantastiek
  • Reel van de Fantastische Unie
  • SF-Cafes
  • Niet van deze wereld
  • EC Bertin
    • EDDY C. BERTIN✝
    • Eerbetoon
  • Alfons Maes✝
  • Wie we zijn
  • Get In Touch